Tagarchief: oer-Leica

100 jaar Leica

Op de valreep van 2014 naar 2015 stond er in het fototijdschrift Focus een artikel over 100 jaar Leica. In maart 1914 bouwde Oskar Barnack, een medewerker van Leitz Wetzlar, de eerste Leitz Camera. Deze camera was tevens het eerste fototoestel dat gemaakt is voor het 35 mm formaat (24x36mm) en daarmee was de echte handzame camera een feit. Deze camera staat ook wel bekend als de ‘oer-Leica.’

Meetzoekercamera
Na de eerste Wereldoorlog kwam de productie van Leica echt op gang en verschenen er meerdere M-typen op de markt. De Leica M2, de M3, M4 en de M5 om er maar eens een paar te noemen. De M was een verwijzing naar meetzoekercamera  en de 3 stond voor de drie kaders voor het gebruik van een 50, 90 en 135 mm. Voor

Meetzoekercamera
De Leica M4, een meetzoekercamera. Door het ontbreken van een spiegel werkten dergelijke camera’s bijna geroosloos.

kortere brandpuntsafstanden diende de M3 te worden voorzien van een ‘bril’ voor de zoeker en de afstandsmeter. De M-camera’s waren nagenoeg geruisloos (er was immers geen spiegel) en daardoor gebruikte straatfotograaf Henri Cartier-Bresson uitsluitend Leica. Robert Capa, een fotograaf die aangesloten was bij het vermaarde foto-agentschap Magnum, was ook een fervente Leicagebruiker. In de loop der tijd kwamen er technieken waardoor zo’n meetzoekercamera kon worden ‘omgebouwd’ naar een spiegelreflex, door het plaatsen van een Visoflex (spiegelhuis). Als zo’n Visoflex was geplaatst konden er

Spiegelreflex-aanzetstuk
Een folder uit de jaren ’60 van de vorige eeuw toont het gebruik van een Visoflex.

grote lenzen aan de Leica M-modellen worden gekoppeld zoals de 280, 400 of de 560mm.  Later verschenen er ook reflexcamera’s op de markt zoals de R3, R4 en de R5. Het was allemaal fantastisch spul en het werkte eigenlijk altijd.  Maar cameragiganten als Nikon en Canon waren al een eind op streek met de digitale fotografie. De lopende band met allerlei digitale high tech snufjes en evenveel type camera’s denderde maar voort. Leica bleef om wat voor reden dan ook achter. Het wereldberoemde merk probeerde daar nog wel een antwoord op te vinden, door het uitbrengen van een digitale achterwand, zodat de reflexgebruikers van Leica in die dagen toch van analoog naar digitaal konden schakelen. Een groot succes werd het echter niet. Desondanks, is en blijft Leica het neusje van de zalm; een exclusief merk met een bijbehorend prijskaartje. Ook voor oudere type camera’s, afhankelijk van de staat waarin zij verkeren, moet men doorgaans diep in de buidel tasten.