Tagarchief: Mauritanië

In de voetsporen van de grutto en de lepelaar

Afbeelding bij agendaitem: 'Boekenweek: lezing van Jacques van der Neut'

Boekenweek: lezing van Jacques van der Neut

In Zuid-Spanje overwinteren duizenden grutto’s. (foto; Jacques van der Neut)

Dit jaar staat de Boekenweek in het teken van de natuur. Ter gelegenheid daarvan geeft columnist, avonturier en fotograaf Jacques van der Neut de lezing “In de voetsporen van de grutto en de lepelaar”. Van Veta la Palma (Spanje), via Marokko en de Westelijke Sahara naar de Banc d’Arguin (Mauritanië) en Djoudj (Senegal).

Koning van de weidevogels
Jaarlijks trekken miljoenen vogels van continent naar continent. Zo ook de grutto en de lepelaar. De grutto doet het niet goed in Nederland. Het aantal broedparen gaat bergafwaarts. De moderne, efficiënte manier van landouw speelt de ‘koning van de weidevogels’, zoals de grutto ook wel wordt genoemd, parten. Omdat onze weilanden de grutto’s in feite niets meer te bieden hebben, keren deze vogels ons steeds vroeger de rug toe. Tegenwoordig verlaten de eerste grutto’s ons land al in eind mei of begin juni. In de jaren ’80 deden zij dat nog in half juli. Grutto’s met kleurringen moeten ons inzicht verschaffen in de trekwegen. Vooral de Rijks Universiteit Groningen doet intensief onderzoek naar grutto’s. Zo voorzien zij grutto’s ook van zenders.

In Djoudj (Senegal) overwinterende lepelaars. (foto; Jacques van der Neut)

Lepelaar kruipt uit het dal
In tegenstelling tot het relaas over de grutto, heeft het verhaal over de lepelaar een gunstige wending doorgemaakt. Het is een wonderlijke wederopstanding; in de jaren 60 van de vorige eeuw, werd immers gevreesd voor het voortbestaan van deze bijzonder elegante vogel in ons land. Onderzoekers uit alle gebieden waar lepelaars broeden of overwinteren, staken regelmatig de koppen bij elkaar en presenteerden diverse beschermingsprogramma’s. Ook bij dit project werden jonge lepelaars voorzien van allerlei kleurringcombinaties en werd er enorm veel kennis verzameld over de gevolgde trekwegen en trekstrategieën. Tegenwoordig schommelt het aantal broedparen van de lepelaar in ons land rond de 3000. Beide soorten volgen we op deze avond en we zien de landschappen waarin zij tijdens de trek verblijven.

Praktische informatie:
Datum: dinsdag 13 maart
Tijd: 19.30 – 22.00 uur
Waar: Stadsbibliotheek Dordrecht – de Blauwe Kamer, Groenmarkt 153. Toegang: gratis en om je aan te melden klik je hier

 

Een onvergetelijke Transsahara reis (2)

Dwergaalscholvers op een zandplaat in de Banc d’Arguin. (foto: Jacques van der Neut)

De Transsahara reis is in feite een aaneenschakeling van  hoogtepunten. Denk maar eens aan Banc d’Arguin, de nationale parken Diawling en Djoudj en last but not least Kaolack in Senegal. Onze reis krijgt echter een onverwacht en bizar eind…

Banc D’Arguin
Het nationaal park Banc d’Arguin is een beschermd natuurgebied aan de kust van Mauritanië en ligt tussen Nouackchott en Nouadhibou. Dit nationaal park bestaat uit eilanden, zandduinen en kustmoerrassen onder invloed van getijdenwerking. De weg die wij vanaf Agadir (Marokko) volgen loopt langs de kust en is inmiddels geasfalteerd. Het avontuurlijke aspect van zo’n trip is daardoor wel minder, maar op een gegeven ogenblik verlaten we de weg en rijden we op GPS door de verlaten woestijn naar Iwik, een vissersdorp in  de Banc d’Arguin. Bij het dorp ligt een onderzoeksstation, waar Nederlandse biologen al  tientallen jaren onderzoek doen naar steltlopers.  Voor het station raken we aan de praat met enkele Nederlandse onderzoekers. Bob Loos praat ons bij over leuke waarnemingen en het reilen en zeilen van het onderzoek. Vervolgens gaan we ons installeren. We overnachten in grote tenten. Voordat we die avond gaan eten wordt de groep uitgenodigd voor een theeceremonie. Dat is meer dan alleen maar een kopje thee drinken. Zoiets bestaat uit drie rondes, waarbij de eerste het sterkst is. Het is een sociale activiteit waarbij natuurlijk alle ruimte is voor conversatie.  Na de (mierzoete) thee lopen we in het donker, naar een ander gebouw voor de maaltijd. Tijdens het eten is het checken van de waarnemingen een dagelijks terugkerend ritueel. Het wordt dit keer echter meerdere keren onderbroken door passerende jakhalzen. In het licht van de zaklantaarns zien we de ogen van deze dieren oplichten. Af en toe horen we ze ’s nachts  janken. De volgende dag staat er een vaartocht op het programma met een Launch, een authentiek zeilvaartuig voorzien van een karakteristiek,  driehoekig zeil. We komen langs de kleurrijke, houten huisjes van de Imraguen, een stam die het exclusieve recht heeft om in de Banc d’Arguin te vissen.  Voordat de vissers ons op het strand oppikken, zie ik diverse drieteenstrandlopers in de vloedlijn, hun kostje bij elkaar scharrelen. Het tafereel doet mij denken aan Een Groenlander in Afrika, het kostelijke boek van Koos Dijksterhuis over deze prachtige steltlopertjes.  Dan klauteren we aanboord. We zeilen naar een eiland in de Banc d’Arguin waar veel vogels zich verzamelen bij hoog tij. We gaan regelmatig overstag en lopen ook vast op een zandbank. Een van de bemanningsleden springt overboord en duwt tegen de boeg van het houten zeilschip. Kort daarop varen we weer. Bij het bewuste eiland aangekomen, zien we  veel dwergaalscholvers, dunbekmeeuwen, pelikanen en westelijke rifreigers. Tijdens het varen vliegen Jan van Genten en Europese flamingo’s voorbij. Verderop gaan onvoorstelbare wolken steltlopers de lucht in. Wat een mooie wereld hier..!

Kaolack; ongekend hoogtepunt
Een bezoek aan de slaapplaats van  de zwaluwstaartwouw in Kaolack vind ik een ongekend hoogtepunt; het is een onderdeel van  mythische proporties. Alleen de route er naar toe al, langs en door kleine gehuchten waarbij inwoners je nastaren. Tijdens onze zoektocht staat er inééns naast onze terreinauto’s een sahelkuiftrap. De vogel op hoge poten rent niet weg, maar loopt behoedzaam naar het verderop liggende struikgewas. De rug van de vogel is bezaaid met kleine zwarte streepjes en vlekjes. Via via komen we uiteindelijk bij de bewuste man die ons in een boomstamkano (…) de rivier overzet. Onze groep wordt in twee keer naar de overkant gebracht. Tijdens het wachten op de kano passeren de eerste zwaluwstaartwouwen. Wat een moment om oog in oog te staan met zo’n iconische soort! Van onze Frans sprekende schipper begrijp ik dat de vogels niet onmiddellijk naar de slaapplaats vliegen, maar eerst een soort voor-verzamelplaats bezoeken waar zij uitgebreid het verenpak onderhouden. Daarna vliegen zij in deze volkomen desolate omgeving de rivier over.

Zwaluwstaartwouw. (foto: Jacques van der Neut)

Uitgesproken dieet
Ik hoor verder dat deze locatie regelmatig bezocht wordt door Franse ornithologen die het aantal zwaluwstaartwouwen hier ramen op maar liefst 15.000 tot 20.000 individuen! Als we aan de overkant staan, zien we ook veel kleine torenvalken in de droogliggende vlakte. Mijn aandacht gaat echter uit naar de enorme concentratie zwaluwstaartwouwen die rond de boomtoppen vliegt. Deze bijzonder gracieus vliegende wouwen, die qua formaat enigszins in de buurt komen van grijze wouwen, hebben een uitgesproken dieet: sprinkhanen. De braakballen van de zwaluwstaartwouwen, die door onderzoekers hier in het verleden werden verzameld, bevatten voornamelijk resten van deze rechtvleugelige insecten. In januari 2007 ontdekte Philippe Pilard van La Ligue pour la Protection des Oiseaux deze locatie. De bewuste slaapplaats is eigenlijk dus niet eens zo lang bekend. Tijdens de terugrit in het duister zeg ik niet veel. Ik ben bijzonder onder de indruk van wat ik zojuist heb gezien… 

Dwergbijeneters warmen zich in de opkomende zon. (foto: Jacques van der Neut)

Hectische terugreis
Aan alle goede dingen komt een eind, dus ook aan deze editie van de  Transsahara reis. Voor onze laatste transfer naar Dakar, overnachten we in Palarin, een prachtige locatie aan de kust. We steken een van de brede zijkreken in de Siné-Saloum over met een pont en kort daarop  zitten we oog in oog met tientallen gieren. De vogels doen zich te goed aan een kadaver, waarbij ze regelmatig  imponeren en met elkaar vechten. Wat een grandioos spektakel. De groep bestaat uit meerdere soorten gieren: kapgier, rüppelsgier, vale gier en oorgier. De restjes worden opgepeuzeld door diverse schildraven. De volgende ochtend een fantastisch ontbijt met als klapstuk meerdere soorten honingzuigers, glansspreeuwen, baardvogels en een rijtje, zich opwarmende dwergbijeneters. Een mooier eind aan deze trip kan bijna niet, maar het venijn zit helaas in de staart. Mijn vrouw en ik hebben de laatste 20, 25 jaar behoorlijk wat van de wereld gezien, maar op het eind van deze Transsahara reis overkomt ons iets, wat ons echt nog nooit is overkomen: we missen ons vliegtuig! Op het vliegveld van Dakar moet de hele groep rond middernacht een nieuw ticket regelen (en betalen) naar Amsterdam. Het wordt een hectische nacht; om 03.00 uur hebben we een vlucht naar Lissabon, waar we ons door een mensenmassa worstelen bij de veiligheidscontrole.  De volgende ochtend landen we veilig en wel in Schiphol en in de dagen daarna begint het verwachte gesteggel over wie er opdraait voor de extra gemaakte kosten voor de tickets. In de totale reissom was de terugreis immers inbegrepen. Wie zal dat betalen, Zoete-Lieve-Gerritje…